Dijk­ver­be­tering in Terheijden


Inbreng bij de discussie over dijk­ver­be­tering in Terheijden

18 december 2019

Mijn fractie vindt het op basis van de verschafte informatie ontzettend lastig om over de voorkeursalternatieven die voorliggen een standpunt in te nemen. Hoewel wij de redenering van het waterschap over de onwenselijkheid van demontabele keringen kunnen volgen, zien we in de argumentatie wel grote tekortkomingen. Wat wij allereerst opvallend vinden, is de uitspraak van Comité Markkant dat zij berekeningen kennen waarbij de kosten van een demontabele kering veel lager uitvallen dan wat het waterschap opgeeft. Wij vinden het sympathiek van het Dagelijks Bestuur dat men openstaat voor deze andere inzichten, echter zien wij niet helemaal hoe dit nog zin heeft als het Algemeen Bestuur geacht wordt vandaag te stemmen over het VKA. Het DB geeft aan dat andere kosten die komen kijken bij een demontabele kering onverlet hoog blijven. Intuïtief is de lezer wellicht geneigd daar genoegen mee te nemen omdat men zelf al inschat dat het om onacceptabel hoge kosten zal gaan. Maar wij missen een grove inschatting van de extra beheer- en onderhoudskosten die verwacht worden, evenals een cijfermatige onderbouwing van wat het zal doen met de calamiteitenorganisatie en met de faalkans. Er is gekozen voor een ‘nee, tenzij’ beleid voor demontabele keringen, maar wanneer te merken valt dat inwoners geen genoegen nemen met deze argumentatie dan zou het een waterschap dat zo gericht zegt te zijn op participatie netjes staan als ze ook een onderbouwing zouden geven die specifiek betrekking heeft op dít geval. Bij Markkant strekking 3 blijkt ook dat het met de participatie niet helemaal lekker loopt, gezien de brief van Van Kaauwen Legal. Iemand met een agrarisch bedrijf dat direct en ernstig geraakt zal worden door het VKA vernam pas vorige week wat de plannen waren. Wij verzoeken om deze situatie mee te nemen in het zogenaamde ‘ervaringsdocument participatie’ dat voor Q1 2020 op de planning staat. Graag willen wij van de portefeuillehouder weten hoe bewoners van het betreffende gebied zijn geïnformeerd over de plannen. Is dit, net als bij Noordrand Midden het geval blijkt te zijn, gebeurd via lokale media die wellicht niet door alle bewoners worden gelezen en bekeken, of zijn de bewoners voor wie het relevant is persoonlijk, middels een brief, geïnformeerd, uitgenodigd voor bijeenkomsten en op de hoogte gehouden?

Wij vonden het zeer bijzonder om in het stuk over EVZ en vispaaiplaats het volgende te lezen over de paaiplaats ter hoogte van Markkant 1 en 2: “Het is een van de weinige goed functionerende paaiplaatsen in het systeem,” terwijl als wij hier even op doorvragen, blijkt dat 20% niet goed functioneert… en 80% dus wel. Hoewel de partij voor de Dieren iedere niet-functionerende paaiplaats er een te veel vindt gezien het belang voor dierenwelzijn, biodiversiteit en de kaderrichtlijn water, en wij een goed functionerende paaiplaats niet willen opgeven, wekt dit wel de indruk dat het stuk bewust is geschreven in het voordeel van het VKA dat niet gesteund wordt door de inwoners van Markkant. Dat wordt nog eens extra bevestigd wanneer blijkt dat er vanuit het waterschap helemaal geen beleid bestaat voor paaiplaatsen die niet blijken te werken. Je zou zeggen: schadelijk voor dierenwelzijn, kaderrichtlijn water, en de portemonnee – daar hebben we een plan voor klaarliggen. Vooral als we het zo’n belangrijk onderwerp vinden als in deze discussie over de Markkant het geval lijkt te zijn. Dat dit niet het geval is, vinden wij erg vreemd. Wij pleiten bij dezen dan ook voor een beter, meer gestructureerd beleid – inclusief een plan b – voor paaiplaatsen. Dit zou een eerste onderwerp kunnen zijn voor een nota dierenwelzijn.

Verder zagen wij in antwoord op vragen van een andere fractie dat het waterschap over de paaiplaatsen niet met de sportvisserij heeft gesproken. Mooi. We lezen echter ook dat dit in een volgende fase alsnog zal gebeuren. Graag ontvangen wij hier toelichting op. Hoe ziet het dagelijks bestuur precies voor zich dat mensen die het als sport zien om dieren onnodig uit water te hengelen, een vreselijke gebeurtenis voor een levend wezen dat pijn en stress kan ervaren, de juiste én meest objectieve experts zijn om te raadplegen over paaiplaatsen – in het belang van de vís? Hoe ziet de portefeuillehouder dierenwelzijn dit? Mijn fractie wil ons waterschap verzoeken om zulke zaken te bespreken met ecologen en dierenwelzijnsspecialisten die geen dubbele pet op hebben omdat ze tevens vissen vangen voor hun vermaak.

Terugkomend op de tekortschietende informatie die nu voorhanden is om een beslissing te kunnen maken over het voorkeursalternatief voor Markkant 1+2, willen wij graag een beslissing over dit specifieke onderdeel uitstellen, en onze goedkeuring verlenen aan de rest van de voorkeursalternatieven.