Waar trekt het water­schap de grens m.b.t. bijvangst muskus- en bever­rat­ten­be­strijding?


Indiendatum: mei 2020

Breda, 11 mei 2020

Vragen (conform artikel 60 Reglement van Orde), van de fractie van de Partij voor de Dieren Brabantse Delta aan het Dagelijks Bestuur betreffende het jaaroverzicht Muskusratten / Beverratten van de Unie van Waterschappen[1].


Geacht bestuur,

In het jaaroverzicht Muskusratten / Beverratten van de Unie van Waterschappen zien wij de cijfers, zowel per waterschap als landelijk, met betrekking tot muskusrattenvangsten en bijvangsten. Een deel van deze cijfers verrast ons behoorlijk, en zet ons aan tot het stellen van de volgende vragen.

Er zijn landelijk 50.319 muskusratten ‘gevangen’ (dat wil zeggen ‘gedood’). Daarnaast waren er landelijk 11.538 bijvangsten. Ook de bijvangsten van de beverrattenbestrijding worden besproken. Daar staat de opmerking bij “Daarnaast gaat het om dieren die door stress overlijden in de levend vangende kooi.”

  1. Wat vindt u ervan dat er op 50.319 muskusrattenvangsten 11.538 bijvangsten waren, wat dus meer dan 1 op 5 is?
  2. Wat was het aantal bijvangsten in waterschap Brabantse Delta in 2019, en hoe was dit verdeeld over verschillende diersoorten? Gelieve dit op te splitsen voor Muskusrattenvangst en Beverrattenvangst. Graag zien wij hier ook bij hoeveel beschermde diersoorten er tussen zaten.
  3. Wat doet waterschap Brabantse Delta op dit moment (dus wij hebben het niet over toekomstige oplossingen) om het aantal bijvangsten te beperken?
  4. Recentelijk liet u ons weten positief te staan ten opzichte van het overheidsinitiatief Direct Duidelijk, dat overheden ertoe oproept om transparant en duidelijk te communiceren. Wat vindt u er in dit licht van dat in het jaaroverzicht Muskusratten / Beverratten wordt gesproken van ‘muskusrattenvangsten’ en niet over ‘dodingen’? Bent u met ons eens dat dit misleidend en niet volledig transparant is? Zo nee, waarom niet?

In het Plan van Aanpak Muskusrat terugdringen tot de landsgrens versie 3.2[2] staat op pagina 8 als reactie op iets dat door de afgevaardigde van Brabantse Delta ter sprake is gebracht: “de opzet van de nieuwe strategie is het doden van zo min mogelijk muskusratten en bijvangsten”. Het aantal gevangen muskusratten is landelijk dus inderdaad afgenomen, maar het aantal bijvangsten is flink toegenomen.

  1. Bent u het met ons eens dat het genoemde doel van zo min mogelijk bijvangsten doden in 2019 niet behaald is? Zo niet, waarom niet?
  2. Bent u bereid in de commissie muskus- en beverratten van 15 mei 2020 te vragen hoe het mogelijk is dat het aantal bijvangsten (fors) is toegenomen terwijl het doel juist was om dit aantal te verminderen? Zo nee, waarom niet?
  3. Bent u bereid in de commissie muskus- en beveratten van 15 mei 2020 te vragen wat deze toename van het aantal bijvangsten zegt over de effectiviteit en wenselijkheid van de strategie ‘muskusrat terugdringen tot de landsgrens’? Zo nee, waarom niet?

In de jaarcijfers over beverratten is te zien dat er in 2019 in de Brabantse Waterschappen 0 beverratten zijn gevangen. In ons eigen waterschap was dit in 2018 ook zo, in de andere Brabantse waterschappen ging het om een handjevol.

  1. Kunt u ons nog eens uitleggen waarom het nodig is om een afschotvergunning voor beverratten aan te vragen? Graag horen wij ook hoe dit zich verhoudt tot het feit dat beverratten al geruime tijd in heel Nederland worden uitgeroeid en de mogelijkheid hiertoe ook in wet- en regelgeving geborgd is.
  2. Hoe vaak is er in 2019 geprobeerd in ons waterschap om een beverrat te vangen, en is dat niet gelukt?
  3. Is er reeds een afschotvergunning voor beverratten aangevraagd (in het jaar 2020)? Zo ja, kunt u de context van de aanvraag met ons delen, en als u dit niet kunt, waarom niet? Zo nee, zijn er concrete plannen om een afschotvergunning voor bevers aan te vragen? Zo nee, waarom stond dit dan in de begroting voor 2020?
  4. Hoeveel gevallen waren er in 2019 in ons waterschap waarbij er werd ingegrepen (bijvoorbeeld door verplaatsing) bij overlast door bevers?
  5. Hoeveel gevallen van schade door beverratten waren er in 2019 in ons waterschap? Kunt u deze gevallen toelichten?
  6. Veroorzaakt de bever of de beverrat meer schade in ons waterschap, naar uw mening?

Als laatste hebben wij nog twee vragen over het Plan van Aanpak.

  1. In het plan van aanpak staat daarnaast op pagina 12: “In het bereikte bestuursakkoord klinkt de stem van de PvdD door. Zij wensen een diervriendelijke manier om knaagschade te voorkomen.” En later daarop de reactie: “Het is een grote uitdaging om bestrijding op een diervriendelijke manier aan te pakken.” Dit is echter niet wat er met de vraag bedoeld werd. In de vraag ging het over een diervriendelijke manier om graafschade te voorkomen en niet een diervriendelijke manier om te bestrijden.
  2. Bent u bereid in de Commissie Muskus- en Beverratten aan te kaarten dat dit antwoord geen complete reactie op de vraag is? Bent u bereid om te vragen of alternatieven voor bestrijding in dit antwoord ook genoemd kunnen worden? Indien het antwoord op een van deze vragen ‘nee’ is, waarom niet?

In het landelijk jaarverslag 2019 muskus- en beverratten[3] is te lezen dat de salariskosten voor de landelijk coördinator in 2019 111.536 euro bedroegen. Wij zijn niet bekend met deze rol/functie, vandaar de volgende vragen:

  1. Wie is deze landelijk coördinator? Gaat het om een voltijds- of nevenfunctie?
  2. Op welke manier vindt afstemming plaats tussen de landelijk coördinator en de afdeling muskusrattenbestrijding (dan wel degene die dit aanstuurt) binnen ons waterschap?

Tot slot. Op 7 april j.l. stelde de Partij voor de Dieren u een vraag[4]:

“Waarom heeft de portefeuillehouder, en het hele Dagelijks Bestuur, het Algemeen Bestuur niet op de hoogte gebracht van de ‘ongelukkige verschrijving’ die de indruk wekte dat er in de begroting 2020 gedoeld werd op een afschotvergunning voor bevers in plaats van beverratten – niet toen er een discussie over losbarstte bij de bespreking van de begroting, niet toen er moties en amendementen over werden ingediend, niet toen de media er meerdere malen aandacht aan besteedden, en niet in antwoord op schriftelijke vragen – en verschaft u hier nu pas, bij de zoveelste set vragen, duidelijkheid over?”

Uw reactie op 28 april, na een algemene inleiding, was[5]:

“Het dagelijks bestuur heeft altijd in de berichtgeving aan het algemeen bestuur en de omgeving een zo eenduidig mogelijke boodschap voor ogen. Zo ook in dit geval. In de bespreking in het algemeen bestuur heeft de portefeuillehouder e.e.a. dan ook proberen te verduidelijken. Dat dit in uw optiek onvoldoende verhelderend was in samenhang met de uiterst ongelukkige verschrijving (bevers had moeten zijn: beverratten) betreurt het dagelijks bestuur dan ook. Eens te meer nu verheldering niet enkel een grote inspanning van de fracties heeft gevergd, maar ook van de ambtelijke organisatie.”

Dit is feitelijk gezien geen antwoord op de vraag. Wij willen van u weten waarom er een expliciete navraag van onze fractie nodig was om dit misverstand recht te zetten. Daarom nogmaals de vraag:

  1. Waarom heeft het Dagelijks Bestuur het Algemeen Bestuur niet direct geïnformeerd toen u doorhad dat er een verschrijving (bever in plaats van beverrat) in de begroting 2020 stond?

Wij vernemen graag uw reactie.

Met vriendelijke groet,

Cynthia Pallandt

Ellen Putman


Partij voor de Dieren

[1] Zie geagendeerd stuk CMB 20-5b.pdf voor de Commissie Muskus- en Beverratten van 15 mei 2020.

[2] Zie geagendeerd stuk CMB 20-6b.docx voor de Commissie Muskus- en Beverratten van 15 mei 2010.

[3] Zie geagendeerd stuk CMB 20-5c.docx voor de Commissie Muskus- en Beverratten van 15 mei 2020.

[4] https://www.brabantsedelta.nl/mgd/files/vragen-bevers-n.a.v.-antwoorden-vragen-12mrt-07-04-2020.pdf

[5] https://www.brabantsedelta.nl/mgd/files/brief-pvdd-aanvullende-vragen-beverafschot-dbreactie.pdf